|
Waarnemingsbelevenis Haarlem - Amsterdam, 1959 Opgeschreven vanaf september 2021. |
|
Naar de Cineac.
|
|
Zo vanaf 15,16 jaar oud, spoorden we naar Amsterdam. Naar de Cineac ging de voorkeur uit...In Haarlem hadden we de gewone bioscoop. Maar soms was de indruk die een echte film op je maakte, zo heftig dat je aan het eind van de sessie wankelend naar de uitgang liep.
|
|
- Mijn eerste lange speelfilm zag ik al gauw. Les Tricheurs. Categorie fictie, lengte 3372 meter. 1959 -
|
|
In de Cineac in de Reguliersdwarsstraat kon je in alle rust kijken.... De filmzaal zag er verwaarloosd uit. De voorstelling duurde maar een uur, je kon er op elk moment in en uitstappen.
Om het uur ging het licht even aan. En da begon de show opnieuw. Reclame filmpjes, tekenfilms, Polygoon (Veelhoek) binnenlands nieuws, wereld nieuws, korte documentaires.
Collectes voor Bio vakantie oord. Een filmpje er over. Het luide gerammel van de collectebus die je door moest geven.
|
|
Bij de kijkers waren er die sliepen. Daar zat, als ik de zaal binnenkwam aan mijn rechter hand aan de overzijde een oude vrouw, alleen. Een groep jongens, ik zag er drie, die rookten. Het was niet pikkedonker, het schemerde. Niemand zou het opvallen als opeens een Sprekend Paard zou worden voorgeleid.
Er kwam publiek, er ging publiek. Er was één en al onderbreking. |
|
In die rommelige atmosfeer kan je je beter voorstellen dat het bewegend beeld eerst alleen maar uit opéénvolging van losse plaatjes of foto's bestaat.
Die zich één voor één in de tijd presenteren. Maar dat dat nog geen levensechte beweging is.
|
|
Je beseft dat je bij het maken van een 'filmbeweging' het element duur er aan toe moet voegen die maakt dat je je je aandacht op het beeld kan vestigen. Je moet het 'tijd' geven.
De figuur die op het scherm verschijnt en beweegt, moet daar korter of langer kunnen vertoeven.. |
|
//
|
![[reclame beeld]](images2/cineac1.jpg) |
|
Een medium is niet anders dan een element dat zich in een tijdsverloop kruist met een ander element. De elementen: het weerbericht. Bewolkt, zo af en toe een bui.
|
| Met haar kortere stukjes film, haar voortdurende onderbrekingen, haar schemerende licht, haar reclame en sport verslagen, het gerinkel van de geldbus
leek de cineac een kruising te zijn tussen twee andere 'waarneem ruimtes', tussen film en TV met hun heel verschillende technieken, reikwijdtes en publiek.
|
|
Die kruising geeft een nieuwe ruimte, een ruimte tussen twee. Een koppelruimte. Doorsnijdingen ervan geven koppelvlakken.
|
|
|
![[reclame beeld]](images2/cineac2.jpg) |
|
Film als model
|
|
De emotie die het kijken naar een lange film bij je oproept gaan vergezeld door die onwillekeurige vaak heftige reactie van je lichaam. Vormdwang.
Je hoofd duikt weg. Handen voor de ogen. Je gaat kreten slaken enz. Je kan misschien die 'zelf uitruil' in figuren uit drukken. Als een soort kanaliseren van die al te sterke gevoelens die bij je op komen . * |
|
Patronen
|
|
Duur of wachten tot dat een verandering plaats vindt. Bij het kijken naar een geliefde film zit je zelf kortere of langere tijd te wachten tot dat 'het' gebeurt.
Je wacht op de moord die plaats gaat vinden, je wacht er aan het eind op dat de schuldige gevonden wordt. Of : bijna met de verkeerde getrouwd. Net op tijd (als we al kijken naar het exit lampje aan de muur) komt de juiste (de echte) opdagen....de film vertelt zichzelf.
|
|
Het publiek dat met de regelmaat naar de bioscoop gaat zal motieven herkennen die steeds weer voorkomen. Vanzelf merkt het ze op. Het herkent ze van de vorige keer. Het verwacht ze. Het verwachte brengt vanzelf het onverwachte mee. Shot, countershot.
|
|
Maar het allerbelangrijkste, wil je het filmgenre als voorbeeld nemen, is de time lapse. Een stuk tijd dat begint en eindigt, zoals het leven dat doet.
|
|
De tijd is hoofdrolspeler.
|
|
//
|
|
Blockbusters, bioscoopfilm |
|
1988 New York Voor het eerst zag ik dat populaire films ook buiten het bioscoop gebouw vorm gaven. Rijen bioscoopgangers die zich om de hoek van het huizen blok waarin de bioscoop stond, slingerden.
De vormeloze massa van het publiek lijnde zich op. Je zag de rechte hoeken van het blok de massa toekomstige kijkers tot vorm dwingen. De massa verdeelde zich bovendien vanzelf in fijnere categorién omdat de film haar daartoe dwong. Vormdwang door inleving.
|
|
//
|
|
|
|
Één film cliché moet ik wel noemen. Die van de achtervolgde die om te ontsnappen aan zijn achtervolger met auto en al door een groot raam heen knalt. We zien de scene tot vervelens toe. Soms meerder keren. We verlangen er naar en We weten wel zeker dat de opgejaagde er levend uitkomt. Zijn auto beschermt hem, het is zijn schild. Toch gaat het hier over 'kijken'. Ik schreef eens 'het kijken' heeft body. Heeft een auto body. De doorkijk, geheel en al een schilders genre. De fysieke blik volgt een weg en 'maakt' die doorkijk.
Het performerende van de film is die van de reeks.
|
|
In de technicolor film in de vijftiger jaren gaan de impressionistiche schilderijen van de rijke huizenbezitter met de trap mee omhoog. De kijker gebruikt zijn hele lichaam als hij tenminste de schilderijen van dichtbij wil bekijken.
|
|
En de oeroude gemeenplaats van de 'puer senex'. Het Wijze Kind. Ik begrijp haar nu pas. Jakobson vertelt hoe kleine kinderen taal opbouwen Het experimenteert in een taalnetwerk, dat nog in aanbouw is. Het kind kiest ze volgens de pure logica van taal. Die van selectie en combinatie. Automatisch maakt hij een streng. Het maakt dat het kind heel wijs klinkt. Het is een moment in zijn leer proces.
Natuurlijk spreekt toeval daar een rol bij. Maar dat kind dat wordt wat later weer een gewoon kind, er is de ruis van het praktische leven, van het aanpassen en van 'zo als het hoort'. Dat motief de wijze jongen of het wijze meisje fascineert al zo lang. Het cliché komt langs in detectives, grote films en in boeken. Jezus was wijs, Le Petit Prince van Saint Exupéry was wijs. Het is een van de mooiste gemeenplaatsen. We rekken haar uit, we verbuigen een beetje, we vereeuwigen haar. Er zijn talloze variaties.
Men zegt dat gemeenplaatsen afgezaagd zijn , maar in film hebben ze nieuwe kracht. |
|
Het overkoepelende, universele.
|
|
Glas. Kristal. Film / reeks illustreren een strijd. Tweedelig als mijn reeks is gehoorzaamt ze aan de binaire code. Het levende, het organische dat staat (!) tegenover het niet organische. Tegenover dode stof. Het gaat om een bijna onzichtbare beweging / tegenbeweging die zich toch uitrolt, al uitwisselend en zich met elkaar mengend. Die zich niet meteen laat onderscheiden maar in alle grote films aanwezig is, die overal doorheen speelt.
|
| Cult
|
| Gebouwen |
| Signalen in koor |
|
go to top |