picture
picture

, s

1952          2020      Songs begrijpen.   

Friesland

Ten tijde van de lock down.

In de nacht veilig in bed, diep onder de dekens, komt er plotseling een beeld bij me op dat zich al die tijd schuil had gehouden.

1952. Wie was dat kind? Hoe ik toen was, ik weet er weinig meer van. We waren aan het verhuizdn naar Haarlem. Het schept een vaag beeld, je zit midden in een zich veranderende situatie.

Ik logeerde vanaf toen alle zomers een maand lang op de boerderij van mijn oom en tante. Ik sliep op de zolderkamer in een bedstee. Daarbuiten, op de zolder zelf, hingen aan een touw stokvissen te drogen. De bedstee had deuren, die je dicht kon doen. Het was een soort kast met een lade onder in. Het was vanzelfsprekend dat je je uit die bedstee boog om grepen te doen uit die lade. Er lagen jaargangen van de Libelle vanaf 1945. Ik voedde me vooral met de verpleegstersromans die in feuilleton formaat verschenen.

Er waren aan de zijkanten van de verhalen bescheiden reclames.

Er was één advertentie die mijn geconcentreerd lezen onderbrak... Zestig jaar later, bijna zeventig rijst ze op uit het donker en de stilte om me heen.

Het was een wervende boodschap van een Taleninstituut. Ze was gevat in een omlijnde rechthoek. Daarin was het gezicht van een jonge vrouw afgebeeld, in zwart wit en summier getekend: ze riep iets met een verheugde uitdrukking op haar gezicht, haar hoofd een heel klein beetje achter over. Het leek wel of het was om naar de geschreven tekst boven haar te kijken, die ze aan het uitroepen was:

SONGS BEGRIJPEN!

Ik werd er door getroffen, ik kreeg er een gelukkig gevoel bij en een indruk van schoonheid in het algemeen.

Songs begrijpen......waarom sprak die uitroep me aan? Ik kan het een beetje nagaan. Een kind kijkt tastend rond. Het gemoed is nog zacht en ontvankelijk.

Het kind zag combinaties. De combinatie van twee heel verschillende woorden. De één was naamwoord, de ander, zijn compagnon, werkwoord. De één was in een vreemde taal, de ander in eigen taal. Ze lieten elkaar 'schitteren'. Dit woordpaar kombineerde zich met het beeld van die jonge vrouw. Maar het was een beeld dat bestond uit wat dunne streepjes die zich gemakkelijk voegden bij die woorden in letters.

Het leek wel of het één het ander naadloos produceerde. Er was die derde term. Niet tegengesteld zoals de eerste twee termen maar anders.

Die combinaties van heterogene elementen die zich als een ketting aan elkaar rijgen: Waar vind ik die nog meer? Ik vind ze bij de mythe.

Mythen...Die emoties bij ons oproepen. Genegenheid of afkeer. Affect. Maar wat is het kenmerk van mythische figuren in het algemeen? Ze zijn niet 'true' maar ook niet 'false'. Niet 1 en niet 0 maar allebei.

Dat getekende kopje fungeerde als schakelaar, als boodschapper waardoor er overgesprongen kon worden naar gevoelens en gedachten. //

Hier is een paragraafje verdwenen.

2025-2026

Toch gaat het hier niet om een mythisch tafereel. Het gaat over een kind dat zich een ideale wereld creëert. Wat ontbreekt is de actie van het lichaam. Kijk naar de beelden op de overgebleven antieke vazen. Het lichaam in actie en reactie. Het element strijd ontbreekt. Er wordt niets doorverteld en er zijn geen opmerkelijke daden. Zoals je vindt in de klassieke mythologie. En zoals in andere mythologiëen uit andere streken.

Maar... in mijn reeks wordt wel iets doorverteld of doorgegeven zoals bij mythen. Het figuur AA1101 wordt in stappen door verteld of door gegeven naar figuur BB3101. Waar zijn de opmerkelijke daden en waar is strijd? Strijd of liefde. Ze zouden kunnen zijn bij de Derden. Bij de omslagen naar telkens andere groeperingen. Die veranderingen worden bevochten.

De klassieke grieks-romeinse mythen zijn voor dure boeken met puntgave reproducties en liggen op koffietafels. Ze doen het nu niet meer.

Polder